Kennislab

Leren, verbinden en samen doen. Versterk je project via netwerkpartners, regionetwerken en allianties. Benut elkaars kennis.

Terug

Gezond gesprek Mark levels: reflectie op wisselwerking

5 oktober 2020

In de serie Gezonde Gesprekken, vormt deze editie een bijzonder gesprek over gezondheid in relatie tot onderwijs en werk. Maar ook over onderzoek in constructieve relatie tot praktijk en beleid. Karen van Ruiten praat online met hoogleraar Mark Levels. Mark Levels, die in het kader van een leerstoel in samenwerking met Alles is Gezondheid aan de universiteit Maastricht de verbinding onderzoekt tussen Health, education en work.

Kun je vertellen wat je aandachtspunten zijn in jullie onderzoek?

‘Veel beleid heeft als doel te streven naar een wereld waarin iedereen even veel kansen heeft en daar wil je met gerichte interventies aan kunnen bijdragen, maar wat nou precies werkt, voor wie en onder welke omstandigheden, daar weten we nog te weinig van. We weten dat hoger opgeleide mensen gezonder zijn, we denken ook dat een betere gezondheid bijdraagt aan betere onderwijsprestaties. Dat er een wisselwerking plaatsvindt laat zien dat het een complex vraagstuk is. We analyseren en onderzoeken die complexe samenhang. Het feit dat hoger opgeleide mensen vaker hoger opgeleide kinderen krijgen, kán te maken hebben met het feit dat ze slimmer zijn, maar ook met het idee dat ze kinderen andere dingen aanleren. Hoe dat zit en wat kunnen we daaraan kunnen doen, daar probeer ik met mijn programma meer zicht op te krijgen.’

Die verbinding tussen onderwijs, gezondheid en werk, is dat een vernieuwend onderzoeksgebied?

‘In sociale wetenschap is veel al onderzocht, maar gefragmenteerd. Ik wil uitbouwen, verbinden en verdiepen in structurele lijn en daarvoor hebben we gegevens van mensen nodig over prestaties op school, sociale achtergrond, informatie over fysieke en mentale gezondheid en hun leefstijl. Dat zijn data die pas sinds kort beschikbaar zijn en die we aan elkaar gaan koppelen. Om daarnaast iets kunnen zeggen over interventies willen we werkgevers en scholen bereid vinden om daarmee te experimenteren.’

Het gaat om de wisselwerking tussen wat kun je presteren en hoe gezond je je voelt. Klopt het dat de lijn van presteren, op school of je werk versus gezondheid twee kanten op werkt?

‘Dat is wel wat we veronderstellen. We weten niet wat eerst komt. Ik richt me nu met name op gedragsinterventies in het onderwijs, zoals bijvoorbeeld de Gezonde School of Jongeren op Gezond Gewicht. Studies geven een gemêleerd beeld. Sommige interventies werken wel, andere niet. Interventies werken voor verschillende mensen anders en dat heeft in samenhang te maken met onder meer je achtergrond, gezondheidssituatie, met vaardigheden en of je op je plaats zit. Als je het ziet als knopjes waar je aan kunt draaien, dan moet je wel heel goed weten hoe die knopjes werken. We proberen in ons programma daarom ook uit te vogelen wat de mechanismen precies zijn en hoe ze werken en vervolgens gaan we kijken wat we daaraan hebben om interventies te verbeteren.’

Met alles is gezondheid proberen we de werelden van beleid, onderzoek en praktijk samen laten komen, maar het blijven toch vaak aparte werelden. Hoe kunnen we samen verbeterslagen maken?

‘Ons onderzoek is gedreven door wetenschappelijke nieuwsgierigheid, maar we denken in het kader van ons onderzoek wel structureel na over praktijk en beleid. Hoe kunnen we daaraan een bijdrage leveren? Wat kunnen beleidsmakers met onze resultaten? We betrekken zoveel mogelijk ze bij alles wat we doen. Beleid maken op basis van onderzoek is een proces van co-creatie.

Wat zijn relevante maatschappelijke vraagstukken?

Wat ons betreft liggen er grote kansen en uitdagingen in dat proces tussen die verschillende werelden, belangen en benaderingen.

We onderzoeken bijvoorbeeld interventies voor jongeren die buiten de boot vallen, geen onderwijs volgen. In de samenwerking met de praktijk zie je af en toe gespreksverwarring ontstaan. Wij willen goed nagaan wat werkt, maar de praktijk zit niet altijd te wachten op Mark Levels en zijn onderzoek. Ik hoor vaak: ‘Ik zie toch dat het werkt, ik heb net 20 jongeren aan werk geholpen.’  Heel begrijpelijk. Maar mensen weten natuurlijk niet hoe de wereld eruit had gezien zonder hun interventie. Alleen door dat slim te onderzoeken kunnen we achterhalen wat de werking van een interventie precies is, en ook leren of het wellicht ook anders had gekund, etc. De samenwerking kan constructief zijn, als je daar beide voor open staat. Wij proberen altijd die brug te bouwen.’

We zien dat er naast evidence based werken meer aandacht komt voor juist practise based evidence. Kunnen die twee in jouw ogen samengaan?

‘Samenwerking kan wel, maar in mijn rol moet ik met enige distantie kijken naar wat zich afspeelt en wat werkt. Je kunt veel leren van mensen in de praktijk. We leggen die verbinding, maar je kunt ook te dicht op de materie zitten om helder te kunnen zien. Wat je wilt is leren van praktijk, maar toch zo objectief mogelijk nagaan wat werkt en hoe het nog beter kan. We kunnen in dat proces niet zonder elkaar en ook niet zonder beleidsmakers. Zij moeten immers de kaders scheppen, waarin de praktijk het beste uitgevoerd kan worden.’

Je bent initiatiefnemer van TECHNEQUALITY, een internationaal onderzoeksconsortium dat onderzoekt welke invloed overheden kunnen uitoefenen op gevolgen van Artificial Intelligence en robotisering in Europa. Super interessant ook, kun je daar iets over vertellen?

Met een consortium van vooraanstaande sociologen en economen op gebied ongelijkheid en met mensen uit het bedrijfsleven, vakbonden en overheden werken we samen om grote vragen te beantwoorden over de verandering in de wereld door automatisering en kunstmatige intelligentie. Ook voor gezondheidsvragen verwachten we grote implicaties. Werken in de gezondheidssector zal veranderen, het verbinden van health data biedt aangrijpingspunten om winst te behalen. Binnen TECHNEQUALITY kunnen we die lijnen met elkaar verbinden. Lees meer over dit programma.

Aan Maastricht Univerity zijn tevens prof. dr. Dirk Ruwaard en dr. Marleen Bekker verbonden, die met een team via lerend evaluatieonderzoek de werking van gezondheidsnetwerk Alles is Gezondheid onderzoeken. Kun je aangeven of er verbinding is tussen de twee onderzoeksprogramma’s?

‘Waar zij gericht casusonderzoek doen in verband met de Alles is Gezondheid-netwerk, probeer ik na te gaan of en hoe bepaalde beleidsinterventies om mensen gezonder te maken werken. Zij werken aan de faculteit Gezondheidswetenschappen en wij vanuit de School of Business and Economics. Onderling hebben we contact en kijken we wat we van elkaar kunnen leren.’

Mooi dat jullie met elkaar meedenken. Zijn er ook mogelijkheden voor onze netwerkpartners om vragen te stellen en zijn jullie bereid met ze mee te denken?

‘Zoek vooral contact! We hebben bij ROA zeer goed geïnformeerde mensen. We zitten ook in relevante internationale netwerken dus we kunnen partners in contact brengen en/of verwijzen naar bijvoorbeeld relevant onderzoek. We moedigen dat graag aan.’

Heb je een vraag of idee, neem contact op via secretary-roa-sbe@maastrichtuniversity.nl

Meer informatie:
Lees de oratie ‘Gezonde lichamen, vaardige geesten’, die Levels uitsprak op 6 december 2019

Mark Levels is naast hoogleraar Health, Education and Work aan de Universiteit Maastricht onder meer programmadirecteur Health, Skills and Inequality van het Research Centrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA). Meer weten over Mark Levels?

Gezond Gesprek

Karen van Ruiten voert regelmatig een gezond gesprek.