Terug

‘We kunnen ons hier niet uit-yogaën’

20 april 2026

Jeroen Kemperman

Organisaties investeren massaal in vitaliteitsprogramma’s, coaching en mindfulness. Toch daalt het ziekteverzuim niet en ervaren veel mensen stress op het werk. Volgens Jeroen Kemperman ligt het probleem niet bij de inzet, maar bij de aanpak. Hij houdt zich als Senior Manager Strategy, Business Development en Duurzaamheid bij Zilveren Kruis (Achmea) al jaren bezig met de vraag hoe gezondheid ontstaat en wat organisaties daarin kunnen betekenen. Tijdens het Landelijke Congres Mentale Gezondheid van Missie Mentaal op 4 juni gaat hij hierover in gesprek. Zijn belangrijkste inzicht: als we (mentale) gezondheid echt willen verbeteren, moeten we anders kijken naar werk. Want werk kan mensen uitputten, maar juist óók versterken.

Van gezondheid naar wellbeing

Als we het over gezondheid hebben, denken we vaak aan zorg of aan leefstijl: voeding, beweging, slaap en ontspanning. Maar volgens Kemperman is dat maar een deel van het verhaal. De omgeving en context bepalen in hoge mate hoeveel ruimte mensen ervaren om gezond te leven. Daarom gebruikt hij liever de bredere term wellbeing. Die gaat over fysieke en mentale gezondheid, maar ook over de omstandigheden waarin mensen leven en werken.

Naast gezondheid, spelen nog twee andere factoren een grote rol bij wellbeing: bestaanszekerheid en floreren. Denk bij bestaanszekerheid aan autonomie, psychologische veiligheid en financiële zekerheid. “Als die basis ontbreekt, lekt er veel energie weg en wordt het moeilijker om gezonde keuzes te maken”, zegt Kemperman.

Bestaanszekerheid vormt het fundament om te kunnen werken aan je gezondheid.”


Floreren gaat over je kunnen ontwikkelen, iets doen wat betekenis heeft en je verbonden voelen met anderen. Het zit niet alleen in grote, abstracte doelen, maar juist ook in het dagelijks werk: ergens beter in worden, gezien worden in wat je doet en ervaren dat jouw bijdrage ertoe doet.

De combinatie van factoren bepaalt uiteindelijk hoe mensen zich voelen, hoe ze functioneren en hoeveel energie ze hebben. “Als je bestaanszekerheid en gezondheid op orde hebt, maar het werk is niet interessant en zinvol en je hebt geen fijne collega’s, dan zijn mensen minder productief dan ze zouden kunnen zijn.”

Van losse interventies naar anders organiseren

Veel organisaties proberen gezondheid te verbeteren met goedbedoelde, maar losse interventies. Denk aan coaching, mindfulness of sportprogramma’s zoals bedrijfsfitness en bedrijfsyoga. Maar daarmee lossen ze het onderliggende probleem niet op. Bovendien bereik je met zulke interventies vooral mensen die hier al mee bezig zijn. Juist de groep die het meest gebaat is bij verbetering, wordt vaak niet bereikt. Door werk anders in te richten, bereik je wel iedereen.

“Als je mensen overdag continu onder druk zet en vooral op productiviteit stuurt, is stress het logische gevolg. Dat kun je achteraf niet zomaar wegpoetsen.”

Het probleem zit volgens Kemperman in hoe werk is ingericht: werkdruk, roosters, autonomie, samenwerking en de manier waarop leiding wordt gegeven. Dáár wordt gezondheid gemaakt of juist ondermijnd. Zolang die basis niet klopt, blijft elke interventie een pleister op de wond.

Daar ligt tegelijk ook de grootste kans. Werkgevers zouden zich bijvoorbeeld moeten afvragen: krijgen medewerkers de ruimte om zich te ontwikkelen? Voelen ze zich gezien en ervaren ze verbinding met collega’s? Juist daar ontstaat het verschil tussen functioneren en floreren.

Werk als bron van gezondheid

Werk hoeft helemaal niet slecht te zijn voor je gezondheid. Sterker nog: werk kan juist een belangrijke positieve rol spelen. “Mensen die werken, gaan bijvoorbeeld gemiddeld maar half zo vaak naar de huisarts ten opzichte van mensen die niet werken”, zegt Kemperman. Dat is geen bewijs dat werk per definitie gezond maakt, maar wel een aanwijzing dat werk – mits goed ingericht – een positieve rol kan spelen. Werk biedt immers structuur, sociale contacten en een gevoel van betekenis.

Hoofd en hart verbinden

In veel organisaties wordt gestuurd op cijfers, KPI’s en protocollen. Tegelijk voelen veel leidinggevenden intuïtief wel aan wat goed is voor mensen. “Ik denk dat de meeste werkgevers vanuit hun hart wel willen dat de mensen die voor hen werken plezier hebben in hun werk”, zegt Kemperman. De uitdaging is om dat gevoel (hart) te verbinden met de manier waarop ze sturen en besluiten nemen (hoofd).

“Als je stuurt op productiviteit, verlaag je wellbeing. Maar als je stuurt op wellbeing, verhoog je productiviteit.”


Door wellbeing ook te meten en door te rekenen naar effecten op productiviteit, verzuim en verloop, wordt inzichtelijk wat het oplevert. Zilveren Kruis heeft voor het boek ‘Wellbeing in Business’ samen met de Erasmus Universiteit een impactmodel ontwikkeld. Daarmee kan voor de eigen organisatie worden berekend wat een betere score op verschillende wellbeing-domeinen oplevert. ”De echte waarde zit voor gemiddeld 80 procent in hogere productiviteit. Hiermee verschuift gezondheid en welbevinden van een goedbedoeld HR-thema naar een strategisch vraagstuk voor de hele organisatie”, vertelt Kemperman. Relatief kleine aanpassingen kunnen daarbij al grote impact hebben. Bijvoorbeeld meer autonomie in werktijden, wandelend overleggen of routinematige werkprocessen uitbesteden aan AI.

Kantelpunt

Volgens Kemperman staan we als samenleving op een kantelpunt. Klanten of kapitaal zijn niet langer het meest schaars, maar mensen. Dat vraagt om een andere manier van organiseren en sturen. “Organisaties die blijven drukken op productiviteit zonder oog voor wellbeing, komen in een neerwaartse spiraal terecht. Wie inzet op wellbeing, ziet juist het tegenovergestelde effect.”

Die verschuiving stopt niet bij de organisatie zelf. Want werk is maar één van de plekken in ons dagelijks leven waar gezondheid kan ontstaan. Daarom is samenwerking tussen organisaties, overheden en andere domeinen nodig om echt verschil te maken.

Tijdens het Landelijke Congres Mentale Gezondheid van Missie Mentaal op 4 juni gaat het precies hierover. Hoe overbruggen we de kloof tussen hoofd en hart, tussen systeem en mens, tussen werk en gezondheid? En vooral: wat kunnen we morgen anders doen?

Kom je ook?

 


Jeroen Kemperman schreef samen met Dilia Leitner, Nisha Alberts en Mirande Groener het boek ‘Wellbeing in business’, waarin ze beschrijven hoe organisaties werk mensgericht kunnen organiseren, met veel meer aandacht voor gezondheid, bestaanszekerheid en floreren.

Van links naar rechts Dilia Leitner, Nisha Alberts, Jeroen Kemperman en Mirande Groener - auteurs van Wellbeing in Business

Van links naar rechts: Dilia Leitner, Nisha Alberts, Jeroen Kemperman en Mirande Groener – auteurs van Wellbeing in Business.

4 juni: Landelijk Congres Mentale Gezondheid

We verkennen en bestendigen de overbruggingen die nodig zijn voor een mentaal veerkrachtiger Nederland. Dit doen we onder meer via ontmoeting, sprekende voorbeelden en verbinding. Kom ook naar dit congres van Missie Mentaal!


Netwerkadviseur (Mentale) Gezondheid & Zorg